Het Vormen van de Mensen tot één Oemmah

De Boodschapper van Allah (saw) overleed nadat het gehele Arabische Schiereiland Islam was binnengetreden en polytheïsme afgeschaft was. Het Schiereiland was onder het Islamitisch domein, alomvattend geregeerd door Islam, volgens haar ‘aqiedah en het systeem dat eruit voortvloeit. Hij (saw) stierf nadat Allah (swt) de dien geperfectioneerd had, Zijn gunst op de moslims vervolmaakt had en Islam voor hen als dien gekozen had. Dit, inclusief de oproep tot naburige naties en mensen naar Islam, door het zenden van gezanten naar hun koningen en regenten en door het zenden van expedities om de Romeinse grenzen van Moe’tah en Taboek te overvallen. Toen kwamen de Khoelafa ar Raasjidoen en de veroveringen continueerden. Irak werd bewoond door een mix van Arabieren en Perzen die geloven van de Christenen, Mazdakyyanen en Zoroastrianen beleden en dit was het eerste land dat veroverd werd. Perzië was de volgende en asj Sjaam kwam daarna. Perzië werd bewoond door Zoroastrianen, Joden en Christenen en regeerden over de Perzen terwijl asj Sjaam een Romeinse kolonie was waar de Romeinse cultuur en Christendom dominant waren. Syriërs, Armeniërs, Joden, Arabieren en een paar Romeinen leefden daar. Egypte werd vervolgens veroverd en werd ook bewoond door een mengelmoes van mensen, zoals Kopten, Joden en Romeinen. Noord-Afrika volgde het proces en hier woonden de Berbers onder de heerschappij van de Romeinen. Met de tijd kwamen de oemmayaden en zij veroverden Sindh, Khawarism en Samarkant, hen toevoegend aan de Islamitische Staat. Andaloesië werd toen veroverd en werd een Wilayah van de Islamitische Staat. De inwoners van deze landen varieerden in etniciteit, taal, religie, tradities, gewoontes, wetten en cultuur. Zij verschilden natuurlijk van ieder in mentaliteit en attitude. Daarom was het een kolossale taak om deze landen samen te voegen en hen te verenigen tot één oemmah, dezelfde dien, taal, cultuur en wetten adopterend. Het succes zou een enorme en buitengewone prestatie zijn. Dit is enkel middels Islam gebeurd en werd enkel bereikt door de Islamitische Staat. Toen de mensen geïdentificeerd werden met de Islamitische vlag en geregeerd werden door de Islamitische Staat, werden zij één oemmah, de Islamitische oemmah. Deze prestatie was te danken aan het effect van de Islamitische heerschappij en de Islamitische ‘aqiedah. Veel factoren leidden tot de succesvolle vorming van deze verschillende mensen tot één oemmah, de meest significante waren de volgende vier factoren: 1) De leer van Islam. 2) Het samenleven van de moslims met de bevrijde mensen in hun dagelijkse levens en werk. 3) De snelle omarming van Islam door de mensen van de veroverde landen. 4) De radicale verandering in het leven van de omarmers van Islam en hun transformatie van een ellendige situatie tot een betere. De leer van Islam verplicht de moslims om uit te nodigen naar Islam en haar leiding te verspreiden waar en wanneer dan ook. Dit benodigde djihaad en de opening van andere landen om de mensen in staat te stellen het te begrijpen en de waarheid van haar regels te overdenken. Het gaf de mensen ook de keuze tussen de omarming van Islam of het behoud van hun geloof dat zij wensten, op voorwaarde dat zij zich zouden onderwerpen aan haar regels betreffende de mu'amalaat en straffen. Dit laatste punt is belangrijk want het zou harmonie in de handelingen en zaken van de mensen ontwikkelen, als het systeem en de regels die omgaan met hun problemen verenigd werd en het zou ook de niet-moslims laten voelen als moslims, als een deel van de samenleving, de zelfde systemen delend, genietend van de gemoedsrust en de bescherming van de staat. De leer van Islam verreist dat de geregeerde mensen vanuit een menselijk oogpunt bekeken moeten worden, niet vanuit een ras, stam of gebied. Daarom moeten de wetten gerelateerd aan sociale en bestraffende kwesties gelijkelijk geïmplementeerd worden op elke burger, zonder een verschil te maken tussen de moslims en niet-moslims. Allah (swt) zegt in Soerah al Maida: )وَلَا يَجْرِمَنَّكُمْ شَنَآنُ قَوْمٍ عَلَى أَلَّا تَعْدِلُوا اعْدِلُوا هُوَ أَقْرَبُ لِلتَّقْوَى وَاتَّقُوا اللَّهَ إِنَّ اللَّهَ خَبِيرٌ بِمَا تَعْمَلُونَ( “En laat de haat van een volk jullie er niet toe brengen niet rechtvaardig te wezen. Weest rechtvaardig, dat is het dichtst bij Taqwa. En vreest Allah. Voorwaar, Allah weet wat jullie doen”. (VBK soerah al Maida 5, vers 8) Alle mensen zijn gelijk uit het oogpunt van de wet. De regent let op de zaken van de mensen en regeert over hen. De rechter regelt de disputen tussen mensen zonder een vooroordeel. Hij bekijkt hen van een menselijk perspectief met het doel hun problemen op te lossen en met disputen om te gaan. Het regeringssysteem in Islam introduceert ware eenheid en gelijkheid tussen de verschillende regio’s van de Staat. Islam beveelt de regenten de garantie van de basisbenodigdheden van alle wilayat van de staat met de garantie verstrekt door de schatkist, ongeacht de hoeveelheid van inkomsten verzameld van elke wilayah en ongeacht of deze heffingen de kosten zouden dekken of niet. Islam beveelt één enkel financieel beleid door heffingen voor de schatkamer van alle wilayat te verzamelen en dus veroverde landen om te vormen tot wilayat en hen te maken tot één enkele staat. Dit is wat het Islamitisch regeringssysteem zou bewerkstelligen en onvermijdelijk ook lukte. Het mengen van de moslim met de inheemse volkeren was één van de grote factoren die leidde tot het toetreden van Islam door deze volken en te integreren met de andere moslims. Na het veroveren van een land zouden de moslims daar verblijven en beginnen de mensen Islam de Islamitische cultuur te leren. Ze leefden in naburige huizen, ze deelden met elkaar allerlei soorten van levenskwesties en werden onderdanen van een land dat geregeerd werd door dezelfde wetten. Er ontstonden nooit twee verschillende gescheiden samenlevingen verdeeld in veroveraars en veroverden, winnaars en de verliezers. Ze waren allen bewoners van de staat die elkaar hielpen in het dagelijkse leven. De geopende volkeren zagen de regenten als een soort van mensen die ze nog nooit tegen waren gekomen. Ze getuigden van de gelijkheid waarmee ze behandeld werden door hen, door zichzelf te plaatsen op hetzelfde niveau te plaatsenen hen te bedienen en hun kwesties te regelen. Ze ervoeren de goede behandeling door regenten met hoge kwaliteiten en dit maakte hen gehoorzaam jegens de bestuurders en jegens Islam. De regenten en andere moslims trouwden vrouwen van de Mensen van het Boek (Joden en Christenen), aten door hun geslacht vlees en hun voedsel. Ze dienden als een stimulans voor hen om Islam binnen te treden want ze getuigden het effect van Islam door de bestuurders en zagen het licht van Islam door het systeem dat op hen werd geïmplementeerd. Als een resultaat integreerden deze mensen en verwerden ze tot één oemmah. Het binnengaan van Islam door de inheemse volkeren was niet gelimiteerd tot een tijdsperiode of land. De volken van elk land omarmden Islam in massa’s. Mensen bleven Islam omarmen totdat de meesten van hen moslims waren en dus Islam niet meer beperkt was tot de openaars. Door Islam binnen te treden integreerden de volken van de geopende landen met de openaars en werden één oemmah. De alomvattende verandering die Islam veroorzaakte bij degenen die Islam omarmden leidde tot de verheffing van het intellectuele niveau van deze nieuwe moslims. Dit ontwikkelde in hen de Islamitische ‘aqiedah die een ideologische basis werd waarop alle concepten waren gebaseerd en getoetst. Als resultaat nam Islam hen van een op emotie gebaseerd geloof tot een geloof gebaseerd op rede. Het transformeerde hen van het aanbidden van idolen, beelden, andere mensen, vuur, geloof in de drie-eenheid en andere gelijksoortige typen van aanbidding wat leidde tot een afname in het intellectueel niveau, tot het aanbidden van Allah (swt), wat leidde en nog steeds zal leiden tot de bewerkstelliging van een verlichte geest. Islam deed hen geloven in het Hiernamaals en leidde hen tot het begrijpen ervan op de manier waarop de Koran en de Soenna het gepresenteerd hebben en de beloning en bestraffing daarin. Dus zagen ze het als iets echts en leidde dit hen tot het begrijpen van de echte bedoeling van dit leven, wat dus het pad is naar een gelukkiger en eeuwig leven. Ze hielden het leven vast met open armen en ze verwaarloosden het niet. Ze namen haar meningen en genoten van de genoegens en welvaart die Allah (swt) – Degene die zorgt voor de juiste criteria en percepties van het leven, had gegeven. Voor de komst van Islam waren de criteria van het leven gebaseerd op persoonlijke belangen de enige reden gezien om een handeling te verrichten. Na de acceptatie van Islam veranderden de criteria van hun handelingen en werd dit gebaseerd op wat Halal en Haraam is. Deze criteria werd de drijfveer achter hun handelingen en haar richtlijnen waren volgens wat Allah (swt) had bevolen en verboden. Het doel van hun handelingen werd het verkrijgen van Allah’s (swt) tevredenheid. De waarde van de actie werd het doel achter de uitvoering van de handeling. Het zou spiritueel zijn als het gebed of djihaad zou zijn: materieel als het kopen of verkopen zou zijn; moraal als het een vertrouwen of een handeling van compassie was; humaan als iemand werd bijgestaan in een crisis, etc. Mensen begonnen te verschillen over het motief achter de handeling en de waarde van de handeling. Als resultaat werd hun concept over het leven anders dan de vorige. Het werd de ware visie op het leven, afgemeten door criteria dat Islam had opgezet, dit waren de bevelen van Allah (swt). Islam gaf de mensen een ware betekenis van geluk. Geluk was, in hun oude visie, de bevrediging van hun instincten en organische behoeften. Het werd getransformeerd in het verkrijgen van de tevredenheid van Allah (swt). Dit zorgde voor waar geluk want echt geluk betekent totale en permanente rust van geest en dat kan nooit behaald worden door slechts de menselijke behoeften te bevredigen en het verkrijgen van materiële genoegens. Het kan alleen behaald worden door de tevredenheid van de Heer van het Universum te verkrijgen. Dit is hoe Islam de visie van de mensen die het omarmden beïnvloedde. Hun visie over het leven en de handelingen die ze verrichtten in dit leven veranderde. Hun volgorde van prioriteiten veranderde alsmede, sommigen stegen in waarde en anderen daalden. Het leven van de mens was aan de top van hun lijst van prioriteiten om te beginnen en de ideologie kwam als tweede. Daarna kwam Islam die de situatie omkeerde op een zodanige manier dat de ideologie aan de top van de prioriteiten van de mens in het leven kwam. Als resultaat hiervan begonnen de moslims hun levens te wijden aan Islam omdat ze Islam correct beschouwden als meer kostbaar dan het leven en het was slechts een natuurlijk uitvloeisel voor de moslim om ontberingen te verdragen en te offeren op de weg van Islam. De kwesties in het leven werden geplaatst in hun gepaste volgorde van prioriteiten. Het leven werd eerbaar en waardig en de moslim kreeg een permanente rust van geest wanneer hij zijn ultieme doel had beseft, wat het tevredenheid van Allah (swt) krijgen inhoud. De concepten van de nieuwe moslims wat betreft het hoogste ideaal veranderde. In het verleden hadden de mensen verschillende en altijd aan verandering onderhevige idealen. Nu hebben ze het enige en ultieme ideaal verkregen. Dit resulteerde in het veranderen van dingen die van belang waren voor hen en het veranderde de definitie van de deugd. De basis van deugden vroeger bevatten dingen zoals persoonlijke moed, individuele voegzaamheid en respecteerbaarheid, sektarische steun, opschepperij over rijkdom en nobele afkomst, vrijgevigheid tot het punt van overdrijven, loyaliteit aan een stam of clan, ongenade en andere vergelijkbare handelingen. Islam veranderde dit allemaal. Het maakte al deze kwaliteiten triviaal, wat de mens kon nemen of laten volgens Allah’s (swt) oordelen, niet volgens de voordelen die ze genereerden, noch de trotsheid of prestige die ze in zich hadden, noch omdat ze tradities of gewoontes waren of een erfenis die iemand bewaarde. Islam verplichtte de onderwerping aan enkel Allah’s (swt) bevelen. Derhalve genoot Islam de onderwerping van het individu, tribaal, populair en nationale belangen aan enkel de bevelen van Islam. Dit is hoe Islam de mentaliteiten en gedragingen van de mensen die het omarmden transformeerde. Het veranderde hun persoonlijkheden en hun visie op de mens, het leven en het universum. Het veranderde hun criteria betreffende alle kwesties van het leven compleet. De mensen begonnen te realiseren dat het leven een speciale betekenis bevatte wat perfectie en nobelheid was. Ze kregen een supierieur ideaal wat de tevredenheid van Allah (swt) verlrijgen was en dat was het geluk wat ze krachtig nastreefden. Derhalve werden ze andere schepselen dan wat ze eerder waren. Deze vier grote factoren hielpen alle mensen Islam te ontkoppelen van hun eerdere omstandigheden. Hun concepten en visies over het leven werden verenigd in één concept en één visie. De ordening van hun zaken ontsprongen van dat concept. Hun belangen werden ook verenigd en ze werden één belang, d.w.z. het belang van Islam. Hun doelen in het leven werden één doel wat het verspreiden van Allah’s woord was. In het geheel was de integratie van deze mensen in Islam onvermijdelijk en ze werden uiteindelijk één enkele oemmah, de Islamitische oemmah.
Afdrukken